’s Ochtends stond ik te volleyballen op een basisschool in het centrum van de stad. Dezelfde dag startte de voetbalcompetitie van Oranjekloof plotseling. Met enige haast reden Kevin en ik van de ene school naar de andere school, van de ene kant van Kaapstad naar de andere kant van Kaapstad. Eenmaal aangekomen bij de jongens onder de elf jaar van basisschool Oranjekloof, was de wedstrijd geannuleerd. Het vervoer was niet geregeld en er stond een uitwedstrijd op het programma.

Het is een grasveld ter grootte van een tennisbaan. De school ligt tegen de heuvel aan. Vanuit de sloppenwijk Imizamo Yethu (Hout Bay) is het minstens twintig minuten lopen. Als je achterin de wijk woont, is het langer, tot aan een uur. De klaslokalen zien er op het eerste gezicht prima uit. Schoolbord aan de muur, hoog plafond, ouderwetse houten schoolbankjes en alle kinderen in een uniform. De leraar houdt ze stil, het zijn klassen van vijftig kinderen.
